Vlaamse Technische Kring

Q1: Zijn de examens moeilijk?

Er zijn moeilijke en er zijn makkelijke examens. Hoe beter je een vak kent hoe makkelijker een examen is. Echt moeilijke examens zijn er eigenlijk niet. Bij het ene moet je wel al wat meer nadenken dan bij het andere. Als je het vak niet deftig kent, zijn de meeste examens uiteraard wel zeer moeilijk. Er dient hier wel een opmerking bij gemaakt te worden. Soms zijn er ook examens die veel te makkelijk zijn, maar meestal kom je die pas tegen in latere jaren. Je houdt daar echter best niet te veel rekening mee. Onderschatting is immers gevaarlijk.

Conclusie: heb geen angst, als je deftig gestudeerd hebt lukt het examen wel. Een 10 halen is dan makkelijk, een 18 vraagt echter veel meer inspanningen!


Q2: Zijn voorbeeldexamens belangrijk?

Zeker wel! Theorievragen durven nog wel eens terugkomen. Bij de oefeningen zitten meestal ook type-oefeningen. De oplossing is meestal analoog aan de voorbeeldvragen. Door de voorbeeldexamens te bekijken, krijg je alvast een idee welk genre vragen men stelt, de vragen hoeven uiteraard niet letterlijk hetzelfde te zijn. Bekijk dus zeker de VTK examenvragen op de wiki's!


Q3: Duurt de blok lang?

Semester 1

1 week vrij

Semester 2

Zeker in semester 1 is er dus veel blok. In semester 2 is er iets minder blok. Als je niet te laat begint te leren, heb je echter meer dan tijd genoeg!


Q4: Verbetert men streng? Hoe geeft men punten?

Vaak is men al vrij tevreden wanneer je redenering goed is. De manier waarop is vaak belangrijker dan de uitkomst zelf. Dus panikeer niet als je uitkomst niet juist is, zolang je redenering dat maar is. Onzin leest men natuurlijk niet graag. Telfouten zijn bijgevolg niet erg, maar maak er toch geen gewoonte van. Net zoals dt-fouten uiteraard. Dergelijke fouten irriteren wanneer ze frequent gemaakt worden en stellen uiteindelijk uw basisvaardigheden serieus in vraag.

De punten worden over het algemeen rechtvaardig uitgedeeld. Proffen zien snel of je iets begrijpt of niet. Meestal zijn er een 4-tal vragen (niet bij Analyse en Scheikunde, daar zijn het er meer). Daarvan testen er een 2-tal de basiskennis deze heb je best wel juist, maar zijn meestal ook niet zo heel moeilijk. Daarnaast eventueel nog een theorievraag of een theoretische oefening en nog een doordenker of een overzichtsvraag die moet uitmaken of je meer dan een 16 verdient. Nu, een examen ziet er zeker niet altijd zo uit. De prof vertelt je dat wel in de les. Normaal verbetert men ook vraag per vraag en geeft men ook zo punten. Maar als je de basis niet begrepen hebt, moet je zeker niet verwachten dat men je door laat.


Q5: Mondeling of schriftelijk?

In eerste Bach zijn er bij de burgies nog veel schriftelijke examens. Archies hebben bijna altijd mondelinge examens. Naarmate de jaren vorderen, krijg je meer en meer mondelinge examens. Het 1e semester van 1e Bach is volledig schriftelijk.

Wat zijn de voordelen van schriftelijke examens? Je hebt meestal minder zenuwen. De moeilijkheidsgraad hangt eerder van de prof af dan van het type examen. Nadeel is dat je je 4 uur lang op je papiertje moet concentreren. Bij mondelinge examens moet je af en toe eens naar de prof en dat breekt die 4 uur wel! Mondelinge examens laten vaak ook beter toe je resultaat te schatten!

Nu, mondelinge examens zijn vaak ook maar 'mondeling op papier'. Je moet telkens een schriftelijke voorbereiding maken, dus compleet uit de lucht vallen is er niet bij. Een voordeel van mondeling is ook dat proffen je nogal eens helpen en dat je jezelf kan verbeteren/verdedigen. Heb dus geen angst, de meeste proffen zijn echt wel vriendelijk!


Q6: Open boek of niet?

Ongeveer de helft van de examens is open boek (bij archies ligt dat aantal lager). Wanneer het examen open boek is, mag je vaak ook extra info en oefeningen meenemen. Het grote voordeel van open boek examens is dat je alles wel moet kennen, maar ook wel eens iets mag vergeten. Als je een cursus niet kent, zal het feit dat het examen open boek is je niet meer slagingskans geven. Wel is het zo dat je soms eens iets vergeet of niet goed meer herinnert. Bij open boek examens kan je dan snel nog eventjes je geheugen opfrissen en dat kan soms handig zijn.

Gesloten boek examens zijn meestal wel vergezeld van een formularium, maar soms zijn er andere details die je vergeten bent en dan schiet een formularium vaak tekort.

Open boek examens durven ook wel eens wat moeilijker zijn dan gesloten boek examens, maar zoals elders reeds uitgelegd, is elk examen doenbaar wanneer je de leerstof beheerst.


Q7: Welk rekentoestel heb ik nodig?

Vanaf 2015-2016 is er een nieuwe regeling gekomen die nog maar 1 niet-grafische rekenmachine toelaat in de bachelor, namelijk de TI-30X Plus Multiview. Dit rekenmachine is te verkrijgen bij de cursusdienst van VTK aan een voordelige prijs*, dus je moet het niet zelf al gaan kopen. De regeling geldt trouwens ook alleen maar voor de examens, als je wil kan je tijdens het academiejaar gerust nog je oude (grafische) rekenmachine blijven gebruiken. Vergeet wel niet al eens een paar oefeningen te maken met de TI-30X zodat je weet hoe het werkt op het examen! Vanaf 2018 wordt ook de TI-30X Plus Mathprint verkocht. Momenteel zullen beide rekenmachines gebruikt mogen worden, maar doorheen de jaren zal volledig overgeschakeld worden op deze rekenmachine.

Laat je ook niets anders dan wat hier staat wijsmaken door een broer, zus of kennis die in een van de hogere jaren zit. Voor de masters geldt namelijk een andere regeling (waar er geen beperkingen zijn tenzij anders vermeldt in de ECTS-fiche van het vak). En voor 2015-2016 was er een andere regeling voor de bachelor, een display van maximaal 2 lijnen en enkele andere criteria, die vanaf 2017-2018 helemaal uitgedoofd is.

Zie ook deze pagina van de faculteit.

*In 2018-2019: €18,20