Vlaamse Technische Kring

Q1: Hoeveel moet ik studeren?

Makkelijke vraag, moeilijk antwoord. Alles hangt echter af van wat je capaciteiten zijn, wat je wil bereiken en vooral hoe groot je motivatie en zelfdiscipline zijn.

Q2 Moet je door het jaar leren?

De universiteit biedt heel veel vrijheid, maar daarmee ook heel veel verantwoordelijkheid. Niemand zal je op de vingers tikken als je een heel semester niets doet, maar de gevolgen zijn dan ook voor jou. Hoe meer je je inzet, hoe makkelijker alles zal verlopen. Hou jij al je vakken bij dan kan je de examens veel relaxer tegemoet gaan (we spreken uit ervaring) en gaan de punten zeker en vast hoger liggen dan wanneer je pas een maand op voorhand begint. Hoe later je begint, des te dieper je waarschijnlijk zal moeten gaan tijdens de examens, en des te groter de kans dat het niet lukt (we spreken nogmaals uit ervaring). Je zal heel wat straffe verhalen horen over studenten die weinig deden en toch slaagden, maar hou er rekening bij dat hier soms ook een serieuze portie geluk mee gemoeid is en dat je de minder optimistische verhalen van vele anderen niet te horen krijgt (aangezien ze hier nu niet meer studeren...)

In de eerste week al beginnen leren alsof het de week erna examen is, is overdreven. Toch valt het aan te raden de vakken bij te houden, d.w.z. dat je begrijpt waar het over gaat, ook al heb je nog niets van buiten geleerd. Als je niet begrijpt waar het over gaat, zal je de rest van de les ook niet meer begrijpen en dan zit je aan het begin van de blok natuurlijk met een groot probleem. Bovendien moet je ook leren hoe je universitaire vakken moet leren. De leerstof is een trapje moeilijker en je wordt ook niet meer met de paplepel gevoed (en hervoed tot iedereen in de klas het begrijpt). Men verwacht immers dat je zelf verbanden kan zien, dat je zelf nadenkt over de cursus, dat je uitgaande van de theorie zelf oefeningen kan maken en dat je overweg kan met moeilijke formuleringen (Sommige proffen zijn erg bedreven in het moeilijk verwoorden van simpele dingen). Er is gewoon ook een pak meer leerstof te verwerken en veel eerstejaars mispakken zich aan de hoeveelheid. Een gouden raad: begin niet te laat!


Q3: Hoe moet ik een cursus studeren?

In feite zou je altijd moeten studeren in functie van het examen. Wanneer je bijvoorbeeld een oefeningenexamen hebt, hoef je je niet blindte staren op een theoretische bewijs dat je niet begrijpt. Natuurlijk kan het wel zijn dat je dat de bewezen stelling wel nodig hebt om bepaalde oefeningen op te lossen. In de theorie werkt men immers een formalisme uit dat je best ook onder de knie hebt om oefeningen te maken en daarom is het (be)studeren van de theorie altijd goed. Als je dat allemaal kan zijn de oefeningen meestal niet meer zo moeilijk. Maar het belangrijkste bij oefeningenexamens is nog altijd dat je oefeningen kan oplossen. Het is dus belangrijk dat wanneer je op een examens oefeningen krijgt of kan krijgen dat je er genoeg zelf gemaakt hebt. In short, probeer zoveel mogelijk informatie te vinden over wat je precies wel en niet moet kunnen op het examen. De prof zal hier meestal ook wat uitleg over geven tijdens de eerste en/of laatste les.


Q4: Hoe studeer je oefeningen?

Zelf maken is de enige methode die werkt. Met oplossingen bekijken leer je weinig tot niets bij.


Q5: Moet ik lessen voorbereiden?

De leerstof al gaan bekijken voor je naar het hoorcollege gaat is niet nodig, maar om de lessen te kunnen volgen, is het wel belangrijk dat je begrijpt wat er in de vorige les gezegd is. Aan de universiteit zullen de docenten niet 'even de vorige les herhalen' zoals dat soms in het middelbaar gebeurt. Oefenzittingen voorbereiden kan wel nuttig zijn, zeker als je weet dat je last hebt met een bepaald vak. Je zou dan kunnen proberen de oefeningen op voorhand te maken zodat je tijdens de oefenzitting gerichte vragen kan stellen aan de assistent. Je hoeft je natuurlijk ook niet dood te werken elke avond (en dan in slaap vallen in de les). Daar win je ook niets mee. Ontspan dan liever wat, en zorg dat je fris bent om op te letten in de les en oefenzittingen.


Q6: Is het mogelijk alle vakken bij te houden?

Dat is uiteraard mogelijk maar daar kruipt ook heel veel tijd in. Veel studenten proberen een aantal moeilijke vakken bij te houden en laten wat gemakkelijke 'blokvakken' voor in de blok. Je studeert ook best in grote stukken. Bvb 3-4 hoofdstukken van een vak na mekaar ipv 10 blz van dit en dan 10 van dat. Meteen oefeningen erop maken kan ook geen kwaad!


Q7: Wat als ik iets niet snap?

Je bent zeker niet de enige die niet alles snapt. Je kan natuurlijk best eerst te rade gaan bij je medestudenten want zij moeten uiteindelijk hetzelfde studeren. Voor ouderejaars geldt uiteraard hetzelfde.

Weten zij het ook niet, dan kan je op TOLEDO op het forum van het vak in kwestie (als dat bestaat) een vraagje posten en krijg je normaliter een antwoord van een medestudent, een assistent of de prof zelf.

Je kan uiteraard ook eens horen bij je assistent in de oefenzitting of bij de prof in de les zelf. Heb geen angst om iets te vragen. Ze zijn er immers om jou verder te helpen. Let natuurlijk wel een beetje op wat je vraagt. Proffen zeggen altijd dat domme vragen niet bestaan (en neen, ze onthouden geen gezichten) maar toch, extreem domme vragen irriteren.

Heb je meer dan 1 vraag of heb je last met de oefeningen dan kan je altijd langsgaan bij het monitoraat. Elk vak in de kandidaturen heeft zijn monitor die studenten met problemen helpt. Zij geven dus bijles, geen les, je kan daar niet langsgaan zonder eerst te studeren. Je moet weten waar je problemen mee hebt. Zij kunnen je extra uitleg geven, gerichte oefeningen geven of iets opnieuw uitleggen maar een hele cursus is natuurlijk onbegonnen werk.